Werkoverleg in café of bubbelbad

(dit artikel werd op maandag 4 februari gepubliceerd in Trouw) 

Alle bureaustoelen zijn leeg, zo midden op de dag op het kantoor van softwarebouwer Jennifersoft in de stad Paju in Zuid-Korea. In het café beneden tekenen twee programmeurs een ingewikkeld schema op een vel papier onder het genot van een kop koffie. In de kelder nemen twee andere medewerkers een duik in het zwembad en houden vervolgens werkoverleg in het bubbelbad. De meeste werknemers werken vandaag thuis.

“Ik wil dat de werkplek één geheel is waarin organisatie, motivatie en teamspirit organisch samensmelten”, zegt ondernemer Andy Lee als hij zelf ook even een duik neemt. Daarom bouwde hij onlangs een nieuw kantoor in een nieuw cultureel dorp tussen de bergen van Paju, net onder de grens met Noord-Korea. In de werkovereenkomst van de ongeveer twintig werknemers staat onder meer dat de zwemuren worden gerekend als werkuren, er op kosten van de zaak gestudeerd kan worden en zelfs de helft van de maandhuur wordt vergoed. Kinderen en huisdieren zijn welkom.”Het zou de normaalste zaak van de wereld moeten zijn om goed met je personeel om te gaan en te delen in de opbrengsten”, zegt Lee gepassioneerd.

Maar voor de gemiddelde Zuid-Koreaan is werken in het kantoor van Lee een haast surrealistische droom. Het land kampt met veel stress en hoge zelfmoordcijfers door de enorme werkdruk in hiërarchisch georganiseerde bedrijven. Arbeidsvoorwaarden zijn mager; zwangere werknemers raken hun baan kwijt, overuren komen iedere week voor. Zo zit ook Choi Hee-ji deze week weer enkele dagen van ’s ochtends vroeg tot in de nachtelijke uren achter de computer van een IT-bedrijf in de hoofdstad Seoul. “Ik ben jaloers”, zegt ze als het over Jennifersoft gaat. “Met dat soort omstandigheden zou ik zeker een stuk minder gestrest zijn.”

Het beroemde bedrijf is sinds kort onderwerp van gesprek bij de koffieautomaten op het kantoor van Choi. “Ik heb het er vaak over gehad met mijn collega’s. We zouden er allemaal wel willen werken. Ik wil niet zeggen dat mijn omstandigheden nu mensonterend zijn, maar de stijl van werken is niet erg aangenaam en motiverend. Wat ik het meeste mis is open communicatie. We kampen altijd met een strikte hiërarchie.”

Andy Lee wil het beste van het Westen combineren met het beste van het Oosten: “Koreanen zijn gedisciplineerd. Bovendien hechten we erg veel waarde aan een hechte, familieachtige gemeenschap. Maar daarbij wil ik wel individuen stimuleren zichzelf te ontwikkelen, creatief te zijn en mee te denken.” Daarom zit Lee niet in het typische afgesloten bovenkamertje, maar aan het bureau met zijn medewerkers.

Kim Yuni is blij met haar baas. “Een wereld van verschil”, zegt de marketingmedewerkster sinds ze uit de grote stad is vertrokken. Ze komt regelmatig naar kantoor met haar kinderen, en nodigt soms een zwemleraar uit om de kinderen daar zwemles te geven. “Vrienden en familie kunnen dat amper geloven. De flexibele omstandigheden, de natuurlijke omgeving en schone lucht: ik ben een gelukkig mens.”

Andy Lee geeft toe geïnspireerd te zijn door bedrijven als Google. Zijn software monitort transacties van bijvoorbeeld internetbankieren. ING, Deutsche Bank en Citibank behoren tot zijn klanten. Een kleine innovatie kan een enorm bedrijfsresultaat betekenen voor Lee, wiens bedrijf vorig jaar met 27% groeide. Lee: “Filosofie is het belangrijkst. Daarom nodig ik regelmatig experts uit voor lezingen en workshops in het café. We bestaan om met elkaar iets moois van het leven te maken. Mensen jagen nu op geld – geld als doel is absurd. Ik hoop dat ik andere bedrijven in de hele wereld kan inspireren die focus te veranderen.”

In het Zuid-Korea waar grote conglomeraten als Samsung vakbonden nog steeds verbieden, lijkt de realiteit uit Paju nog ver weg. Al zou Choi Hee-ji graag willen, ze twijfelt of ze het aan zou kunnen, een baan bij haar ouderwetse werkgever te verruilen voor een baan bij Lee. “We zijn in dit land helemaal niet gewend aan dergelijke vrijheid. Ik zou er op zijn minst erg aan moeten wennen. Er moet zeker iets veranderen in Korea, maar het zal nog veel tijd kosten voor het land klaar is voor zo’n extreem vrije werkvloer.”