Seoul kickt af van nieuwbouwverslaving

(dit artikel werd op woensdag 21 november gepubliceerd via de GPD) 

Na talloze invasies en oorlogen dreigen de laatste sporen van de tweeduizend jaar oude Koreaanse hoofdstad ten onder te gaan aan een onstilbare honger voor nieuwbouw. Wat betreft de vorig jaar aangetreden burgemeester Park Won-soon is de grens bereikt. De democraat startte een offensief om het verhaal van het duizenden jaren oude – maar vooral ook het naoorlogse – Korea te preserveren. Laatste inspanning: het aanwijzen van duizend stadsmonumenten. 

“Jongeren hebben geen idee hoe hun voorgaande generatie zich moest wassen in hokjes buitenshuis”, vertelt Han Moon-chel, hoofd van culturele zaken in de gemeente Seoul. “Dat is een nogal grotere generatiekloof dan in bijvoorbeeld in Europa dat geleidelijk dergelijke veranderingen onderging – Korea is in razendsnel tempo veranderd.” Nog steeds gaan volledige buurten tegen de vlakte om plaats te maken voor appartementencomplexen en winkelcentra. Han: “Zoveel van Seoul is verwoest en gesloopt – architecturale hoogstandjes hebben we amper. De waarde zit vooral in onze voetsporen; de verhalen van de mensen. Die moeten we koesteren.”

Vooralsnog besteedde Zuid-Korea alleen aandacht aan de antieke koninklijke geschiedenis. In een in de oorlog volledig geruïneerd land werden woningen geïmproviseerd zonder enig stadsplan – in de razendsnelle economische groei van het land was het opruimen van de chaos het devies. Tweedehands winkels zijn zeldzaam in het land waar alleen het nieuwste van het nieuwste staat voor kwaliteit. Maar volgens Han staat het land aan de vooravond van een trendomkeer: “Korea is voor een lange tijd gefixeerd geweest op economische waarde. Culturele waarde werd niet besproken. Nu realiseert men zich meer en meer dat er zonder het preserveren van cultuur er geen echte welvaartsontwikkeling kan zijn.”

Een van de genomineerden is Samillo, een dertig jaar oud kwaliteitstheatertje. Veel bezoekers komen er niet meer. “Jongeren kijken vaak niet verder dan het instant vermaak op televisie en hun mobiele telefoon. Alles moet maar ‘leuk’ zijn. Niemand wilt zich nog inspannen voor een kwaliteitsvoorstelling”, klaagt theaterdirecteur Jeong Dae-kyeong. De trendomkeer en steun van het nieuwe stadsproject geeft Jeong echter nieuwe moed. “Dat de stad nu aandacht heeft voor cultureel goed dat niet tweehonderd jaar oud is, is geweldig. En het is een publieksnominatie. Ik denk dat steeds meer mensen stilstaan bij het feit dat geluk niet altijd afhangt van snelheid, efficiëntie en of iets nieuw is. Zo maakt de fiets in de stad een opmars en is er steeds meer interesse voor vintage.”

Dat laatste merkte ook de eigenaresse van de zestig jaar oude genomineerde boekwinkel Daeo. De hoogbejaarde vrouw zette vanwege haar leeftijd haar knusse boekwinkel te koop, waarna jongeren zelfs vroegen of ze de ladder of stoel mochten kopen. “Of een boek als souvenir, niet om te lezen.”, zegt de eigenaresse. Het is een van de laatste traditionele boekwinkeltjes. Winst maakt de winkel echter niet, net als veel andere genomineerde ambachtslieden, winkels en bioscopen die worden verdrongen door grote bedrijven en de overheidssteun goed kunnen gebruiken. Maar ook volledige buurten kunnen op de lijst komen. Ambtenaar Han: “De typische Koreaanse bergachtige ‘steegjescultuur’ sterft uit in Seoul. Dit zijn de plekken waar het gemeenschappelijke buurtgevoel nog bestaat; waar de mensen met elkaar praten.”